Folder cholesterol

Cholesterol is onmisbaar en nodig  voor onder andere de vorming van geslachtshormonen,  het stresshormoon,  vitamine D (nodig voor sterke botten), de galzuren (nodig voor de vetvertering) en de celmembranen (als een soort "cement").

 

Cholesterol  wordt door de lever gemaakt en een klein deel komt uit de voeding. Het is een vetachtige stof en dus niet oplosbaar in het bloed daarom wordt het vervoerd door de wagonnetjes LDL en HDL. Deze wagonnetjes zijn opgebouwd uit eiwitten. De LDL brengt de “cholesterol-cement” naar de cellen en de HDL brengt hetgeen niet gebruikt werd terug naar de lever.

 

Cholesterol op zich is dus een onmisbare stof.  Waarom wordt er dan zo’n heisa rond gemaakt? In de eerste plaats omdat cholesterol kan aangetast worden door vrije radicalen en kan oxideren. Vrije radicalen ontstaan spontaan in het lichaam onder invloed van zuurstof, het zijn stoffen die allerlei structuren kunnen aanvallen en oxideren.  Als cholesterol oxideert, spreekt men van oxycholesterol. Oxycholesterol is een schadelijke stof voor het lichaam. Het kleeft gemakkelijk aan beschadigde bloedvaten en vormt dan de zogenaamde plaques. Ons lichaam beschikt gelukkig over systemen om dat te voorkomen. Zo vangen stoffen als vit C en E vrije radicalen weg voordat ze kunnen reageren met cholesterol. Daarom noemt men vitaminen ook “anti-oxidanten”. Bij een tekort aan deze antioxidanten treedt er echter wel oxidatie op. Dus veel groenten en fruit eten is zeker goed voor de gezondheid. De vitaminen beschermen het lichaam.

Chronische stress, doet de cholesterolproductie stijgen én rooft antioxidanten.

Oxycholesterol kunnen we ook opeten. Bij de productie van eipoeder en melkpoeder wordt er oxycholesterol gevormd, zodat allerlei afgeleide producten zoals gecondenseerde melk, ijscrème,  koekjes, gebak, koffiekoeken, melkchocolade en dergelijke oxycholesterol bevatten. Daarom is het belangrijk om natuurlijk en vers te eten.

Ook eieren horen thuis in een gezonde, verse voeding. Vroeger waren eieren boosdoeners. Maar dat is ondertussen achterhaald. Er zit wel cholesterol in een ei maar deze cholesterol is van zeer goede kwaliteit. Meer zelfs eieren zijn goed voor mensen met een verhoogd cholesterolgehalte.

Over het algemeen is het sowieso goed te kiezen voor onbewerkte producten. Vaak worden oliën bijvoorbeeld behandeld zodat ze beter tegen lucht, licht en hitte kunnen, het eindproduct is dan een geraffineerde olie. Oliën worden ook bewerkt bij de productie van margarine. Een olie is immers vloeibaar en een margarine heeft een vaste structuur. Dus gaat men de olie “harden”. Het industrieel bewerken (raffineren en harden) van vetten zorgt ervoor dat de structuur van de vetten verandert, men spreekt dan van transvetten.  Het lichaam maakt geen onderscheid en bouwt de transvetten even goed in de celstructuren in. Met barsten en gaten in de celmuren tot gevolg, hierlangs lekken stoffen uit de cellen en kunnen er ongewenste stoffen in de cellen komen. Transvetten zitten in bakvet, margarine, industriële sauzen, gefrituurde zaken, chips, industriële koeken en gebak. Als er op de verpakking staat: “gehard of gedeeltelijke gehard/gehydrogeneerd plantaardig vet” dan zijn het behandelde vetten.

Uitdroging (oudere mensen!) speelt ook vaak een niet te onderschatte rol in het cholesterolverhaal. Als het lichaam te weinig vocht krijgt, kan op termijn het cholesterolgehalte stijgen.

Een minder gekende risisofactor voor hart-en vaatziekten vormt homocysteïne. Een aminozuur dat normaalgezien verder afgebroken wordt tot cysteïne. Bij tekorten aan vitaminen van de B-groep (B6, B9, B12) gaat homocysteïne zich opstapelen en problemen veroorzaken. Het reageert als een vrij radicaal en bevordert de omzetting van cholesterol in oxycholesterol.